Algemene skateinfo
Inleiding
In-line skating, de sportieve vrijetijdsbesteding met een nieuw gevoel.
Deze trend zal zeker blijven. Het is al sinds 1790 dat de eerste
rolschaats werd gezien in het noorden van Nederland en er werden door
veel schaatsers pogingen ondernomen om een schaats op wieltjes te maken.
Rotterdam had al in 1876 zijn eigen eerste rolschaatsbaan. Het gaat er
niet om wie het eerste was, maar wel belangrijk is dat we het materiaal
wat we nu hebben op de juiste manier gebruiken en we de juiste keus
maken bij het aanschaffen van eigen materiaal. Voor de duidelijkheid het
volgende; de rolschaats heeft 4 wieltjes, 2 x 2, een in-line skate heeft
4 wieltjes achter elkaar (in-line) en de skeeler heeft 5 wieltjes achter
elkaar, welke zeer geschikt is voor langere afstanden, echter minder
wendbaar is dan de in-line skate.
Tegenwoordig zijn er ook tussenvormen, waaronder b.v. de skate met 4
wielen en een langer frame en i.p.v. een kunststof schoen softboots met
of zonder ingebouwde enkelondersteuning, of combinaties hiervan. De
ontwikkeling van het skaten gaat zo snel, dat we dit niet allemaal voor
u op kunnen schrijven.
Ga naar een goede sport-speciaalzaak, daar kunnen ze alles uitleggen en
krijgt u een goed advies en tevens zelf enige materiaalkennis.
Verschillende vormen van skaten
Speedskaten
Speedskaten of race-skating is er in diverse disciplines: speed, downhill en slalom. Er zijn verschillende afstanden en disciplines waarin
gestreden wordt voor Europese en wereldtitels. Bij het speedskaten dus
afdaling, gaat het maar om één ding, - zo hard mogelijk gaan. Er worden
topsnelheden bereikt van meer dan 100 km per uur.
De slalom is te vergelijken met slalom skiën, maar er worden ook
alternatieven gedaan, zoals een slalom tussen pionnen door, voorwaarts
en achterwaarts, welke op een vlak terrein staan.
Ook mogen we niet vergeten de wedstrijden zoals de marathon, 10 km
rijden, of sprintwedstrijden van 300, 500 en 1000 meter.
Vert skating
Deze vorm van skaten gebeurt in een half-pipe. Het gaat er hierbij om,
om op een zo’n origineel mogelijke manier boven de pipe uit te springen
(airs) en hierbij nog wat salto’s en andere draaien uit te voeren.
Varianten van de half-pipe zijn de “mini ramp”, deze is lager en de
quarter-pipe, wat weer de helft van de half-pipe is.
In de half-pipe maken ze sprongen (airs) van wel 6-8 meter hoog,
aangevuld met loopings en draaien.
Aggressive
Aggressive of streetskaten is een ruige manier, waarbij gebruik wordt
gemaakt van straatmeubilair, zoals trapleuningen, stoepranden, rails en
trappen. “Grinden” noemen ze dan ook deze vorm van skaten. Bijv.
rail-grinden of stoeprand grinden.
Off the road
De naam spreekt voor zich; je gaat met speciale skates een heuvel af.
Deze skates hebben kleine terreinwielen. Bij sommige 3 onder de schoen.
Er zijn er ook met 4 wielen, één grote voor en één achter met daartussen
2 kleinere.
Freestyle
Hierbij wordt gebruik gemaakt van een vlakke ondergrond, dit is het
terrein van alle in-line skaters. Hier is alles toegestaan, je mag
dansen, springen, figuren maken, kortom als je maar fun hebt.
Streethockey
Dit is te vergelijken met ijshockey en wordt met 4 spelers en een keeper
gespeeld, waarbij een streetpuck of een streethockeybal wordt gebruikt.
Basistechnieken
Deze bestaan uit een basishouding in stand, de remhouding en de
parallelhouding.
Voor al deze basishandelingen is de lichaamshouding het belangrijkste
uitgangspunt om veilig en goed op je skates te staan.
In het begin staat men te veel naar achter, wat in combinatie met te
gestrekte benen leidt tot een achterwaartse val.
Dus knieën buigen tot boven je tenen, de schouders iets naar voren
brengen en altijd de handen voor of naast het lichaam houden.
De skates houd je 20 cm uit elkaar, nooit meer dan schouderbreedte en
houd de skates altijd ongelijk. Dus de één voor de ander, voor een betere voor/achter balans.
Natuurlijk is er ook een wedstrijdhouding. Samen met de recreatiehouding
worden deze in de praktijk verder uitgelegd.
Bescherming en veiligheid
De minimale bescherming die de mensen moeten dragen zijn pols- en
kniebescherming.
De kniebeschermer is er in 2 soorten; met klittenbanden of met een kous.
Er is wel een boven- en een onderkant.
Hierbij maakt links of rechts niets uit. Er zijn wel verschillende
maten.
Trek altijd als eerste de kniebescherming aan.
Bij polsbeschermers zit wel verschil tussen links en rechts en er zijn
ook verschillende maten; small, medium en large.
De polsbeschermers worden met de bobbel (splint) aan de binnenkant van
de hand gedragen, waarna deze met het klitteband worden vastgemaakt.
Geef de mensen altijd het vertrouwen in hun bescherming en geef ze als
tip mee dat als ze vallen geen vuist te maken, maar de handen open te
houden.
Remtechnieken
- Hielstop
- Sleepstop
- Schaatsenrijdersstop
- V-stop
- Grasstop
- Klunstop
- Power-slide
- Draaistop
Bocht met overstappen
Hierbij wordt het gewicht op de linker skate verplaatst en de schouders
laat je in de rijrichting meedraaien dan zul je linksaf slaan. Voor
rechts geldt het tegenovergestelde.
Stap 1
In de bocht heb je je gewicht op de binnenste skate waarbij deze zich
onder de heup bevindt. Met de andere skate zet je af. Als deze loskomt,
verplaats je deze over de voorste skate naar binnen. Hou de volgende
grondbeginselen in de gaten:
- Kijk in de rijrichting
- Hou het lichaamsgewicht op je voorvoet
- Draai je schouders mee
- En zet altijd na de overstap de skate met alle 4 de wielen op de
grond.
Stap 2
De afzet met het binnenste been maakt de overstap compleet en deze wordt
dan weer binnendoor voor de ander geplaatst en de cyclus herhaalt zich
weer. Maak kleine stappen, dit houdt de snelheid beheersbaar.
Materialenkennis
DE SCHOEN
De schoen kan een softboot zijn zonder binnenschoen, of een hardboot met
binnenschoen. Soft-schoenen zijn flexibeler en geven een wat betere
pasvorm, maar zijn daarmee ook instabieler. Harde schoenen geven meer
steun en zijn daardoor dus stabieler.
Zodoende kan er meer lichaamsenergie overgebracht worden in de afzet,
waardoor meer snelheid kan worden ontwikkeld.
HET FRAME
Vrije tijds skates (fitness) hebben een hoger frame dan bijv. vert skates,
zodat er grotere wielen onder kunnen tot 80 mm doorsnee.
Je bent wat minder wendbaar, maar hierdoor kan er een hogere snelheid
gemaakt worden. Er zijn kunststof en metalen frames. Metalen frames zijn
sneller dan kunststof frames. De kracht overbrenging bij metalen frames
is directer.
DE WIELEN
De doorsnee loopt van 44 tot 80 mm. De agressieve skater gebruikt
wielen van 44 tot 72 mm, dit geeft een betere wendbaarheid. De
recreant - en sportieve skater gebruikt wielen met een doorsnee van 72
tot 80 mm. Hoe groter het wiel, des te hoger de snelheid. Hoe groter de wielen hoe minder wendbaar. Tegenwoordig zijn 100 mm wielen al standaard.
Bijna alle wielen worden gemaakt van urethaan, ook komen er wel nylon
wielen voor maar deze zijn minder slijtvast en geven minder grip. Er
zijn wielen met een spits profiel en met een plat profiel. Spits geeft
minder weerstand en platte meer grip en stabiliteit.
DE HARDHEID
Hardheid wordt op het wiel aangegeven met cijfers en een A.
De zachtste wielen zijn 74 A, de hardste 100 A.
Zachte wielen hebben meer grip en werken schokdempend, maar geven wat
meer weerstand. Harde wielen geven minder weerstand. maar rijden
oncomfortabeler.
De meest gebruikte hardheid is dan ook 78 tot 82 A.
DE LAGERS
In de betere bekende merken zitten precisie lagers en deze worden op het
lager aangegeven met ABEC en dan een cijfer. Hoe hoger het cijfer des te
beter het lager. Voor fitness skaten wordt over het algemeen ABEC 3
gebruikt en voor speed skaten ABEC 5.
De lagers worden in de wielen door de kern op hun plaats gehouden, met
daar tussen een spacer. Deze is ervoor bedoeld dat de lagers nooit te
vast aangedraaid kunnen worden.
Hoe groter de kern des te beter is de warmte afvoer. Dus minder
weerstand.
Technische informatie
Diameter
De afmeting van een wiel wordt aangegeven door het aantal mm van de
diameter.
Kleine(re) wielen (50-66 mm) worden gebruikt voor het stunt-skaten.
De grindwielen (47-52 mm) worden gecombineerd met stuntwielen en
maken het grinden over buizen door hun hardheid (96a t/m 50r)
makkelijker.
Ze hebben meer een glij- dan rolfunctie.
Wielen met een diameter van 72 tot 80 mm worden gebruikt voor het
fitness en distance skaten.
Door hun grootte is het makkelijker om een hoge snelheid langer vast te
houden dan bij kleinere wielen.
Durometer
De durometer geeft de hardheid van het wiel aan.
De hardheid wordt gemeten in de “A” schaal.
De “A”schaal varieert van zacht (78a) tot hard (96a).
De hardheid beïnvloedt de levensduur, schokbestendigheid, snelheid en
mate van grip.
Wielprofiel
Het wielprofiel is in hoge mate bepalend voor stabiliteit en snelheid.
Hoe breder en vlakker het wiel, des te meer grip en stabiliteit.
Een smaller en puntiger wiel heeft minder raakvlak met de weg en is
daarom ook sneller.
Samenstelling
De samenstelling van de in de wielen verwerkte kunststof (polyurethaan)
varieert per type en is bepalend voor de eigenschappen van het wiel.
Zoals: grip, slijtvastigheid en trillingsdemping.
Kern
De kern van het wiel is het kunststof gedeelte dat de lagers in positie
houdt. Een open kern of spaakwiel is lichter.
Vooral de fun/fitness en distance skates gebruiken dit type wiel. Een
dichte kern wordt voor de stuntskates gebruikt, omdat een dichte
kern de hoge sprongen makkelijker kan opvangen.
Slijtage en verwisseling
Na het skaten kan het zijn dat de wielen aan de binnenkant versleten
zijn. Als dit gebeurt dien je de wielen te verwisselen.
Wiel 1 naar plaats 3 en andersom en wiel 2 gaat naar plaats 4 en
andersom.
Zorg ervoor dat de versleten
zijde van het wiel altijd aan de buitenkant van de skate zit.
Mocht na verloop van tijd je wiel aan beide kanten versleten zijn, dan
dien je ze te vervangen.
Lagers
De kwaliteit van de kogellagers wordt aangegeven in de ABEC-norm
(Annuleer Bearing Engineering Council).
Deze norm staat voor de maten van polijsten en rondte van de
kogellagers.
Hoe hoger de norm hoe beter de lagers kunnen rollen.
Dit zegt niets over waar ze van gemaakt zijn.
Geschreven door Cees le Sage t.b.v. deelnemers skatecursussen.